Geschiedenis > Geschiedenis
In Nederland werden tweedehands goederen betrokken van kringloopwinkels, instellingen, bedrijven en particulieren. Dit waren voornamelijk fietsen en elektrische apparaten. De vrijwilligers demonteerden de onbruikbare fietsen zodat de onderdelen wel gebruikt konden worden, ze deden stekkertesten bij de elektrische apparaten en selecteerden het bruikbare materiaal. We kregen daarnaast ook gereedschappen en machines die direct geplaatst konden worden in de werkplaatsen.
De goederen werden met de boot naar Ghana en dan over land naar Burkina Faso getransporteerd. Eenmaal aangekomen in Dédougou vonden ze hun weg naar de werkplaatsen, waar ze werden gerepareerd of geïnstalleerd. Aan het hoofd van elke werkplaats stond een lokale professional die een groep leerlingen begeleidde in hun leertraject. Dit leertraject bestond uit 'on-the-job' training, waar nodig aangevuld met theorielessen. Doorgaans bleven de leerlingen 1 tot 3 jaar in de leer, afhankelijk van de moeilijkheid van het vak. Wanneer ze volleerd waren, kregen ze tijdens een feestelijke ceremonie een certificaat en het basisgereedschap dat nodig is om hun vak zelfstandig uit te oefenen. Vervolgens ging een nieuwe groep leerlingen aan de slag.
De leerlingen waren tussen de 16 en 25 jaar. Sommigen hadden enkele jaren op school gezeten, maar die om wat voor reden dan ook niet af kunnen maken, anderen waren totaal analfabeet. De meest voorkomende reden waarom jongeren niet naar school gaan is geldgebrek van de ouders. Door deze jongeren een vak te leren, konden wij hen een toekomst bieden die meer inhoudt dan vier maanden per jaar op het land werken.
In 2002 zijn we gestart met het eerste project: een werkplaats om jongeren op te leiden tot fietsenmaker. Begin 2003 kwam daar een werkplaats voor huishoudelijke apparatuur en bruingoed bij. Hier leerden jongeren het vak van elektrotechnicus in theorie en praktijk. De bouw van alle nieuwe gebouwen was in handen van leerlingen, die onder professionele begeleiding werden opgeleid tot metselaar. Eind 2003 werd de laswerkplaats in gebruik genomen en medio 2004 de werkplaats voor metaalbewerking. Op de vrachtwagen waarmee de materialen van en voor Háparako vervoerd werden, reed een leerling mee die in 2007 zijn rijbewijs heeft gehaald. In 2005 werden de eerste werkplaatsen van het vrouwencentrum in gebruik genomen, namelijk de zeepmakerij en de olieperserij waar hoogwaardige consumptieolie uit katoenzaden werd geperst.
Foto's >>