Wat doen wij > Waarom?

Ze willen wel, maar er is niks

Burkina Faso is een van de armste landen ter wereld, met een gemiddeld jaarinkomen van 240 dollar per jaar. Dit is een gemiddeld bedrag, want er zijn grote verschillen tussen de steden en het platteland. Ook tussen de verschillende regio’s in het land zijn verschillen in ontwikkeling en inkomen waar te nemen. De Boucle du Mouhoun, in het noordwesten van Burkina Faso, is een van de minst ontwikkelde delen van het land. De bevolking bestaat voor 90% uit boeren. Het analfabetisme is er in grote delen boven de 75% en hoger of technisch onderwijs is helemaal niet voorhanden. Door gebrek aan industrie is de werkeloosheid zeer hoog. De bevolking wil wel werken, maar er zijn geen mogelijkheden.

In Burkina Faso is de man de kostwinner van het gezin. Dat wil echter niet zeggen dat daarin voor de vrouw geen rol is weggelegd. Integendeel, vrouwen werken misschien nog wel harder dan mannen voor het welzijn van het gezin en de familie. Water halen, brandhout zoeken, het huishouden, de kinderen en de inwonende familieleden (vaak ouders) verzorgen, zijn maar een paar taken die de vrouwen ten deel valt. Hielpen de vrouwen vroeger alleen mee tijdens de zaaitijd en het oogsten, tegenwoordig zijn ze bij het hele proces van de zelfvoorzienende landbouw betrokken. Daarnaast probeert het merendeel van de vrouwen activiteiten te ontplooien die geld opleveren, dat ze volgens de traditie voor zichzelf mogen houden, maar merendeels in het gezin stoppen. Het schaarse geld wordt vooral besteed aan schoolgeld en de aanschaf van schoolboeken voor de talloze kinderen. Naast wat kleinschalige tuinbouw is de enige manier voor vrouwen om wat geld te verdienen het brouwen van lokaal bier, de zogenaamde dolo.

Spin-off

Door de arme en grotendeels analfabete bevolking een vak te leren en ze van een startkapitaal te voorzien, kan deze situatie verbeterd worden. Wie zelf in zijn levensonderhoud kan voorzien is immers niet meer afhankelijk van hulp van buitenaf.

Medio 2006 hebben we 22 mensen in vaste dienst, als leraren, administratief en logistiek personeel. Al deze medewerkers krijgen een vast salaris. Een groep van ca 40 vrouwen verdient een freelance inkomen door de zeep en katoenzaadolie te verkopen. Ze kopen de zeep en olie tegen groothandelsprijzen bij ons in en verkopen deze tegen marktprijzen op de locale markten. De winst is hun inkomen, dus hoe meer ze verkopen, hoe meer geld ze verdienen. De stenen die gebruikt worden voor de gebouwen betrekken we uit de lokale steengroeven, waar een twintigtal jonge mannen werken. Ook allerlei andere producten die we nodig hebben voor het reilen en zeilen van het project wordt in Parako en de omliggende dorpen ingekocht. Door deze activiteiten is de hoeveelheid geld in de dorpen toegenomen en dat kun je nu al zien. Deze moeilijk meetbare, maar wel zichtbare verbetering van de levensomstandigheden (de zogenaamde “spin-off) kenmerkt zich door een vergroting van de lokale markten waar nu veel meer en een groter assortiment producten wordt aangeboden. Het aantal schoolgaande kinderen is duidelijk toegenomen in de afgelopen drie jaar. Daarnaast valt op dat veel meer mensen een fiets hebben en dat vooral de vrouwen en kinderen beter gekleed gaan dan voorheen.

Alle projecten die hieronder beschreven worden, zijn door de bevolking van Parako en omgeving zelf aangedragen. De haalbaarheid is met behulp van expertise in Nederland onderzocht. De verantwoordelijkheid voor de dagelijkse gang van zaken van de projecten ligt in handen van de bevolking zelf, evenals de rekrutering van personeelsleden en leerlingen.

Op de foto:

Háparako centrum vanaf de weg naar Dedegou