Ook hier as uit IJsland

April 24, 2010

Alweer bijna een maand na mijn verjaardag en dus sinds mijn laatste bericht. De tijd vliegt. Het begon sinds begin april behoorlijk warm te worden. Zelfs onaangenaam warm gedurende een week of zo. Overdag wist je niet waar je het moest zoeken, met een ongenadig zonnetje dat op je kop en schouders inbrandde. ’s Nachts dreef je je bed uit, dus van lekker slapen kwam niet veel. Toen opeens hadden we vorige week een bewolkte dag en de dag erop zowaar een flinke stortbui in de nacht. Heerlijk was dat. Anika, die tegenwoordig in haar tentje buiten in de tuin slaapt moest zich in haar slaap snel naar binnen in veiligheid brengen. De daaropvolgende dagen waren weliswaar bewolkt, maar door de vochtigheid was het klam en vies klef (het is ook nooit goed 🙂 ).

Gisteren was spectaculair: we waren beiden al om halfzeven wakker en de hele hemel was knaloranje, een prachtig gezicht. Ik had zoiets nog nooit gezien. Net de dag ervoor waren we op internet in de stad geweest en kwamen toen pas te weten over de vulkaanuitbarsting op IJsland en dat het hele vliegverkeer in Europa stilgelegd was. Ik dacht dus meteen dat de aswolk ons bereikt had, maar daar wilde hier niemand van weten. Zo’n wolk kon immers nooit helemaal uit Noord Amerika naar Afrika vliegen! Het hele land kwam in de loop van de dag onder een dikke deken van uiterst fijn stof te liggen en de hemel werd van knaloranje okergeel, totdat de zon onderging. De zon kon je trouwens de hele dag niet zien door al het stof – er was een zicht van nog geen 100 meter. Als je aan het begin van het projectterrein stond, kon je het vrouwencentrum al niet meer zien. Ondanks het beperkte zicht sjeesden de autobussen met de gewoonlijke snelheid langs – onverantwoordelijk. Iedereen liep met mondkapjes om en het personeel vroeg zelfs de dag vrijaf, omdat niet iedereen een mondkapje bij zich had. Ze zouden dan de volgende dag goed voorbereid terug naar het werk komen. Slap excuus natuurlijk, maar ja, we hebben maar vanaf het middaguur vrij genomen.

Vannacht kwam er opeens een enorme storm opzetten, die een ongelooflijke hoeveelheid stof met zich meebracht. Ondanks dat ik alle ramen dicht had gedaan werd ik wakker, bedekt onder een dikke laag stof. De vloer van mijn kamer leek wel het stadsstrand van A’dam, met golfribbels en al in het zand. De arme vrouw die dat straks allemaal weer moet opvegen. Vandaag hangt er nog steeds een dikke sluier van stof, maar niet meer zoals gisteren. De hemel is nu lichtgeel. Het is nu heerlijk toeven hier – lekker warm, maar je zweet niet en de zon is verduisterd door het stof. Van mij mag het nog wel een paar dagen zo blijven en van Anika helemaal. Die had er die hele warme dagen toch wel moeite mee; ze had zelfs een fles water in het vriesvak gelegd om over haar hoofd te gooien! 

Volgend week vertrekt Anika naar Bobo-Dioulasso. Père Bertin heeft een paar leuke projecten voor haar bedacht, eentje op een lagere school waar ze spelletjes en uitstapjes moet gaan regelen en eentje in een weeshuis voor baby’tjes. Ze kan bij de boekhoudster van de paters slapen, dus hoeft ze geen hotel te betalen. Toch leuk van de Père dat hij dat zo voor haar geregeld heeft. Iedereen zal haar gaan missen, want ze is zo na anderhalve maand een vaste klant geworden, vooral voor de jongens. Die zitten toch wel elke dag een paar uur met haar te geiten. Maandagmiddag gaan we een afscheidsfeestje voor haar bouwen, dinsdag nog een tripje naar het noorden maken, naar Ouagigouya, waar we een trainingscentrum à la Háparako gaan bezoeken en dan vertrekt ze dinsdag met de Père naar Bobo. Althans, dat is het plan, of het ook zo gaat lopen is nog maar de vraag, want zelfs bij de paters zijn gemaakte afspraken niet altijd zeker. 

Drie weken geleden kreeg ik een mailtje van de Turing Foundation dat ze bij nader inzien toch afzien van financiering van de nieuw op te richten technische school. #@$&@#$ Het lag niet aan ons plan, dat vonden ze prachtige, maar aan het simpele feit dat ze geen organisaties steunen die “openlijk aan evangelisatie doen”. Nou, daar zakte mijn broek wel even van af. We hebben juist heel duidelijk gemaakt dat religie geen belemmering voor onderwijs mag zijn en dat er daarom geen enkele religieuze uiting op de school zou worden gedaan. Eerst toezeggen, het was een kwestie van nagaan of Fondation wel bestond, toen dat in orde was, was het vervolgens nog maar een kwestie van een handtekening en we zouden het geld krijgen – allemaal positieve berichten en dan opeens toch niet. De dame die ons voorstel bij haar bestuur verdedigd heeft, was het wel met me eens dat “de procedure geen schoonheidsprijs verdiende”, maar veel kon ze er niet meer aan doen. Tja, daar sta je dan, met lege handen. 

We zijn toen als een gek al onze crediteuren aan gaan schrijven of ze ogenblikkelijk al hun kredieten zouden willen terugbetalen, maar ja, dit is Afrika en Afrikanen hebben nooit geld. Iedereen komt huilen aan mijn bureau, of het niet de helft kan zijn, of dat ze het in 100 termijnen zouden kunnen betalen, of dat er een sterfgeval in de familie was en ze nu dus geen geld hebben. Héél vermoeiend allemaal, maar ik moest hard zijn en ze erop wijzen dat de meeste kredieten al zo’n 3-5 jaar uitstaan en dat het nu wel zo langzamerhand tijd werd. Ik ben benieuwd hoeveel er daadwerkelijk aan het eind van de maand wat komen afbetalen, maar ik heb er een hard hoofd in. 90% van de kredieten stammen nog uit de tijd dat Venance in de directie zat en waarmee hij natuurlijk goede sier maakte bij zijn maatjes. Enfin, als is het maar de helft, dan ben ik al lang blij, dan kan ik aan het eind van de maand de salarissen betalen. Ik loop er eigenlijk aan te denken om dan eventueel de politie in te schakelen, maar ja, dat is ook weer zoiets. 

Gelukkig kreeg ik van de week weer een mailtje van de Turing Foundation waarin de dame in kwestie me schreef dat ze na hun afwijzing na is gaan denken of ze niet een andere organisatie weet die ons financieel zou steunen en ze kwam inderdaad met een oud katholiek fonds die ons voorstel doorgenomen hadden en wel interesse hadden en bovendien geen bezwaar tegen de paters hebben. Joepie! Ik ben meteen in de pen geklommen, heb de woordvoerder gebeld en die gaf meteen zijn privé mailadres. Ik heb ‘m gisteren het voorstel gemaild – morgen maar eens checken of hij al geantwoord heeft. Het is overigens wel lastig dat we hier geen e-mail hebben. Iedere keer 10 km de stad in alleen maar om je mail te checken. Vaak is er dan ook nog eens geen stroom, of de verbinding is zo slecht dat je je mailbox niet eens kunt openen. Dan ben je dus voor niks gegaan en kun je onverrichter zake weer terug. Als we geld hebben neem ik een draadloze verbinding! 

Volgende week moet ik een paar dagen naar Koudougou, daar heeft onze vrachtwagenchauffeur de wagen in de greppel geparkeerd nadat hij niet meer voor het stoplicht kon stoppen. Hij heeft een Opel Kadet geramd, het verkeerslicht aan de linkerkant van de weg meegenomen en vervolgens met de neus in de greppel gedoken. Beide voorwielen en de as zijn kapot en de motor heeft ook een klap gehad, want alle olie schijnt eruit gelopen te zijn. De wagen heeft daar bijna een week gelegen, met de kont op de weg. Levensgevaarlijk natuurlijk, maar ze konden hem er niet uittakelen daar hij niet kon rijden en dus ook niet gesleept kon worden. Tjonge, jonge, jonge, dat kan ik er nu net niet bij hebben! We hebben net €1.500 uitgegeven om de luchtvering te vervangen met bladveren en op zijn eerste ritje rijdt hij de wagen aan gort. Die vent gaat eruit – dronken chauffeurs kan ik niet gebruiken. Gelukkig heeft Moussa de lopende zaken afgehandeld, maar nu de wagen bij de politie staat en de gemeente me om de haverklap belt over het repareren van het stoplicht moet ik er zelf uiteindelijk toch heen. Ik zie altijd enorm op tegen dat ritje naar Koudougou, vanwege die verschrikkelijke weg. Hobbel de hobbel de hobbel en je komt rood van het stof aan. Die chauffeurs rijden allemaal als gekken, dus het is iedere keer maar hopen of je heelhuids aankomt. 

Het hoofd van de politie in Koudougou staat bij mij in het krijt. Toen hij nog hier in Dédougou geplaatst was heeft hij een scootmobiel bij ons gekocht voor zijn invalide dochter en nooit betaald (foei!). Die zal dus wel niet te moeilijk doen. Bovendien zijn een paar dagen in Koudougou met Moussa altijd gezellig. Als ik zin heb rij ik misschien nog wel even door naar Ouaga om vrijdagavond gratis haring te eten en wijn te drinken op de Ambassade – ik weet ’t nog niet. Op zich wel leuk natuurlijk om Harm weer even te zien en er een paar dagen tussenuit te gaan. We zien wel. 

Ik heb net gehoord dat de vliegtuigen weer vliegen in Europa en dat de wereld niet vergaat. Gelukkig maar J Prettige Koninginnedag!